A/B-testen: zo zet je een test op die iets bewijst

Een A/B-test zet je op door je bezoekers willekeurig te verdelen over twee versies van één pagina die in één ding verschillen. Vooraf leg je vast hoeveel bezoekers je nodig hebt en wanneer je stopt. Bij 3% conversie is dat 13.914 bezoekers per versie om een stijging naar 3,6% aan te tonen. Pas daarna kies je de winnaar.

13.914

bezoekers per versie om een stijging van 3% naar 3,6% conversie aan te tonen, met 95% zekerheid en 80% onderscheidend vermogen

Bron: standaardformule, UCSF

26,1%

kans op een valse winnaar als je na elke bezoeker kijkt en stopt bij de eerste 95%, terwijl A en B gelijk zijn (in plaats van 5%)

Bron: Evan Miller, 2010

Sept. 2023

sinds 30 september 2023 is Google Optimize niet meer beschikbaar; Google verwijst naar testtools van andere makers

Bron: Google Analytics Help

Door , oprichterOver de auteurLaatst bijgewerkt:

Gratis groeiplan

Drie concrete kansen om meer klanten uit je huidige bezoekers te halen, in een video-uitleg van een specialist binnen twee werkdagen.

Wat is A/B-testen?

A/B-testen is twee versies van een pagina, advertentie of e-mail tegelijk laten draaien en meten welke meer conversies oplevert. De helft van je bezoekers ziet versie A, het origineel. De andere helft ziet versie B, met één verandering. Omdat het toeval bepaalt wie welke versie ziet, komt een verschil door die verandering, of door toeval.

Een voorbeeld: een installateur wil meer offerteaanvragen. Versie A is de huidige offertepagina, versie B dezelfde pagina met de levertijd in de kop. Een testtool stuurt elke bezoeker willekeurig naar A of B, en laat een terugkerende bezoeker dezelfde versie zien. Na een vooraf bepaald aantal bezoekers vergelijk je het percentage dat een offerte aanvroeg.

Dat willekeurige verdelen is de kracht van de test. Beide groepen komen in dezelfde weken binnen, uit dezelfde kanalen, met hetzelfde weer en dezelfde acties. Het enige verschil is de kop. Vergelijk je de nieuwe kop met de maand ervoor, dan meet je ook alles wat er in die maand veranderde. A/B-testen is daarmee het bewijsdeel van conversie-optimalisatie: je houdt alleen wat aantoonbaar beter werkt.

Wat een test niet oplost, is toeval. Ook als A en B precies even goed zijn, converteert de ene groep door toeval net wat beter. Hoeveel bezoekers je nodig hebt om toeval van een echt verschil te onderscheiden, lees je verderop. Er zijn meer soorten tests, elk met een eigen doel:

Soorten tests, wat ze vergelijken en wanneer je ze gebruikt
Soort testWat je vergelijktWanneer
A/B-testTwee versies van één pagina met één verschilDe standaard: de meeste vragen passen hierin
A/B/n-testDrie of meer versies tegelijkAls je veel verkeer hebt: elke extra versie heeft evenveel bezoekers nodig
Multivariate testMeerdere elementen tegelijk, in alle combinatiesAlleen bij zeer veel verkeer: elke combinatie is een eigen versie
Split-URL-testTwee versies op een eigen URLBij een heel ander ontwerp; stuur door met een 302 en zet een canonical op de variant
Voor-en-na metingDe oude versie, daarna de nieuweBij te weinig verkeer; zwakker bewijs, want seizoen en campagnes verschillen
A/A-testTwee identieke versiesOm te controleren of je testtool en meting kloppen

Hoe zet je een A/B-test op?

Je zet een A/B-test op in zes stappen: kies één doel, schrijf een hypothese, verander één ding, reken uit hoeveel bezoekers en weken je nodig hebt, verdeel je bezoekers willekeurig en beslis pas op de einddatum die je vooraf koos. Sla de vierde stap niet over: die bepaalt of je uitslag iets bewijst.

  1. 1

    Kies één doel en controleer de meting

    Het doel is de conversie waarop je de test beoordeelt: een verstuurde offerteaanvraag, een bestelling. Kijk voor de start of je testtool en Google Analytics die actie in beide versies goed tellen. Twijfel je, laat dan eerst je data en meting nakijken.

  2. 2

    Schrijf een hypothese

    Als we X veranderen, dan stijgt Y, omdat Z. Het 'omdat' dwingt je om te testen wat je van je klanten weet, en niet wat je zelf mooi vindt.

  3. 3

    Verander één ding

    B verschilt in één element van A: de kop, het aanbod of het formulier. Verander je drie dingen, dan weet je achteraf niet welke het deed.

  4. 4

    Reken uit hoeveel bezoekers en weken je nodig hebt

    Uit je conversie nu, de kleinste stijging die je wilt zien en je bezoekers per week volgt het aantal bezoekers per versie en de einddatum. Die leg je vast voordat de test start.

  5. 5

    Verdeel je bezoekers willekeurig

    Je testtool stuurt elke bezoeker naar A of B en laat hem bij een volgend bezoek dezelfde versie zien. Beide versies draaien in dezelfde weken.

  6. 6

    Beslis één keer, op de einddatum

    Is het verschil dan 95% zeker, dan gaat B live voor iedereen. Is het dat niet, dan blijft A. Schrijf op wat je leerde: ook een test zonder winnaar vertelt je iets.

Testplan: de kop van de offertepagina

Voorbeeld

Pagina
De offertepagina van een installateur
Doel
Verstuurde offerteaanvragen per bezoeker
Hypothese
Als de kop zegt binnen hoeveel dagen we installeren, vragen meer bezoekers een offerte aan, omdat snelheid hun eerste vraag is.
A en B
A: de huidige kop. B: dezelfde pagina met de levertijd in de kop. Verder niets anders.
Conversie nu
3%
Kleinste stijging
+20%, van 3% naar 3,6%
Bezoekers nodig
13.914 per versie, 27.828 samen
Looptijd
4 weken bij 7.000 bezoekers per week, van maandag tot maandag
Stopregel
Niet eerder stoppen, ook niet als B na een week voorstaat
Beslissing
Na 4 weken één keer kijken. B gaat live als het verschil 95% zeker is; anders blijft A.

Dit plan ligt vast voordat de eerste bezoeker binnenkomt. Wie tijdens de test de regels verandert, weet achteraf niet meer wat de uitslag betekent.

Begin bij de pagina waar je bezoekers binnenkomen: een goede landingspagina heeft één doel en één knop, en dat maakt meten eenvoudig. Hoe je de getallen in dit plan uitrekent, staat in het volgende deel.

Met welke tool test je?

Google Optimize, de gratis testtool van Google, bestaat niet meer. Volgens Google zijn Optimize en Optimize 360 sinds 30 september 2023 niet meer beschikbaar. Google zegt te werken aan koppelingen met Google Analytics voor drie testtools van andere makers: AB Tasty, Optimizely en VWO. Via die koppeling zie je de uitslag per versie ook in Google Analytics.

VWO en AB Tasty kondigden op 20 januari 2026 aan dat ze samengaan. Het testplatform van VWO heet op de eigen site nu Wingify Experimentation en draait volgens de maker A/B-, multivariate en split-URL-tests op websites, in apps en op de server. Optimizely rekent met een eigen methode, Stats Engine, die volgens Optimizely bewijs verzamelt terwijl de test loopt. Werk je met HubSpot, dan zit het A/B-testen van pagina's volgens HubSpot in Content Hub Professional en Enterprise. Elke tool rekent op zijn eigen manier; reken daarom ook zelf uit hoeveel bezoekers je nodig hebt.

Hoeveel bezoekers heb je nodig voor een A/B-test?

Hoeveel bezoekers je nodig hebt, hangt af van je conversie nu en van de kleinste stijging die je wilt kunnen zien. Bij 3% conversie en een stijging naar 3,6% zijn dat 13.914 bezoekers per versie, met 95% zekerheid en 80% onderscheidend vermogen. Wil je alleen een stijging van 50% kunnen zien, dan volstaan er 2.518.

Vul je eigen cijfers in. De planner rekent uit hoeveel bezoekers elke versie nodig heeft en hoeveel hele weken je test daarmee duurt.

Testplanner

Voorbeeld: vul je eigen cijfers in

Van de pagina die je test, bijvoorbeeld aanvragen per bezoeker.

Van 3% naar 3,6%: kleiner hoef je het niet te zien.

Op deze pagina, beide versies samen.

Bezoekers per versie
13.914
Looptijd
4weken

Je hebt 13.914 bezoekers per versie nodig, 27.828 in totaal. Bij 7.000 bezoekers per week duurt de test 4 weken. Past in een maand. Leg de einddatum vast en kijk pas dan naar de uitslag.

Tweezijdige toets, 95% zekerheid, 80% onderscheidend vermogen, twee versies met elk de helft van je bezoekers. Altijd hele weken, minimaal één.

Testplanner: vul je conversie, de kleinste stijging die je wilt zien en je bezoekers per week in, en zie hoeveel bezoekers per versie en hoeveel weken je test nodig heeft.

Hoe reken je het uit?

De planner gebruikt de standaardformule voor het vergelijken van twee percentages: een tweezijdige toets met de normale benadering, zoals de rekenhulp van de University of California, San Francisco (UCSF) die beschrijft. Je hebt drie keuzes nodig:

  • 95% zekerheid. Is er geen echt verschil, dan wijst de test in 5% van de gevallen toch een winnaar aan. Daar hoort het getal 1,96 bij.
  • 80% onderscheidend vermogen. Is er wel een verschil zo groot als je opgaf, dan vindt de test het in 8 van de 10 gevallen. Daar hoort 0,84 bij.
  • De kleinste stijging die je wilt zien. Niet de stijging die je hoopt, maar de kleinste die de moeite waard is om door te voeren.

bezoekers per versie = (1,96 × √(2 × p̄ × (1 − p̄)) + 0,84 × √(p₀ × (1 − p₀) + p₁ × (1 − p₁)))² ÷ (p₁ − p₀)²

p₀ is je conversie nu, p₁ de conversie die je wilt kunnen zien, p̄ het gemiddelde van die twee. Met p₀ = 3% en p₁ = 3,6% komt er 13.914 uit.

De looptijd volgt daaruit. Deel het totaal van beide versies door je bezoekers per week: 27.828 ÷ 7.000 = 3,98, dus 4 weken. Rond altijd af naar hele weken, zodat elke weekdag even vaak in je test zit.

Bezoekers per versie, per conversie nu en kleinste stijging die je wilt zien. Tweezijdig, 95% zekerheid, 80% onderscheidend vermogen.
Conversie nu+10%+20%+30%+50%
1%163.09542.69319.8277.750
2%80.68221.1099.7983.826
3%53.21113.9146.4552.518
5%31.2348.1583.7801.471
10%14.7513.8411.774686

Twee dingen vallen op. Een lage conversie vraagt veel meer bezoekers dan een hoge. En een half zo grote stijging vraagt ongeveer vier keer zoveel: bij 3% conversie heb je voor +10% 53.211 bezoekers per versie nodig, 3,8 keer zoveel als voor +20%.

Andere calculators komen soms iets anders uit. De calculator van Evan Miller gebruikt in het eerste deel van de formule de spreiding van je huidige conversie in plaats van het gemiddelde, en komt voor hetzelfde voorbeeld op 13.051 per versie, 6% lager. Tools met een eigen methode, zoals Optimizely, wijken verder af. Welke je ook gebruikt: kies er één, en reken ermee voordat je start.

“Reken uit hoeveel bezoekers je test nodig heeft voordat je hem start, en zet de einddatum in je agenda. Wie elke ochtend kijkt of B al wint, vindt vroeg of laat een winnaar die er niet is.”
Jaap Meijer, oprichter van AI Digitals

Welke fouten maken bedrijven bij A/B-testen?

Vier fouten maken een uitslag onbruikbaar: te vroeg stoppen omdat B voorstaat, testen met te weinig verkeer, veel dingen tegelijk testen en de test laten lopen over een seizoenspiek of een actie. Alle vier leveren een winnaar op die er niet is, of missen een verbetering die er wel is.

1. Te vroeg stoppen omdat B voorstaat

De 95% zekerheid geldt voor één blik op het geplande einde. Kijk je elke dag en stop je zodra de tool ‘significant’ meldt, dan geef je het toeval elke dag een nieuwe kans. Evan Miller, van die calculator, rekende in 2010 een uiterste geval door: na elke bezoeker kijken, bij 50% conversie en hooguit 150 bezoekers. Een test zonder echt verschil wees dan in 26,1% van de gevallen een winnaar aan, in plaats van 5%.

Wij rekenden het na voor het voorbeeld uit deze gids, op 28 september 2026: 10.000 gesimuleerde A/A-tests waarin A en B allebei precies 3% converteren, met 500 bezoekers per versie per dag, 28 dagen lang. Dat is de looptijd uit het testplan. Elke test is gecontroleerd met een tweezijdige toets op 95%. De simulatie gebruikt een vaste startwaarde, dus elke keer dezelfde uitkomst; hieronder staan de eerste 20.

Voorbeeld, gesimuleerd: 20 A/A-tests waarin A en B allebei 3% converteren. Elke lijn is het verschil tussen B en A na elke dag. Bij de stip leek de test voor het eerst 95% zeker: wie dan stopt, voert een verandering door die niets doet. In deze 20 tests gebeurde dat 8 keer; op dag 28 2 keer.
Voorbeeld: 10.000 gesimuleerde A/A-tests (3% conversie, 500 bezoekers per versie per dag, 28 dagen). Aandeel tests dat een winnaar aanwees, per manier van kijken.
Hoe je kijktKeer gekekenValse winnaars
Eén keer, op dag 2815,1%
Elke week, stoppen bij de eerste 95%412,9%
Elke dag, stoppen bij de eerste 95%2827,6%

Eén keer kijken houdt de valse winnaars rond de 5% die je afsprak. Elke dag kijken en stoppen bij de eerste 95% maakt er 27,6% van: ruim een op de vier tests wijst een winnaar aan terwijl er niets verschilt.

2. Testen met te weinig verkeer

Een test met te weinig bezoekers vindt een echte verbetering vaak niet. Je concludeert dan ‘geen verschil’ en gooit een goed idee weg. In het voorbeeld is de kans dat je een echte stijging naar 3,6% ziet 80% als je het plan volgt, maar 50,8% als je bij de helft stopt en 28,8% bij een kwart.

Voorbeeld: een echte stijging van 3% naar 3,6%. De kans dat een test op 95% zekerheid die stijging vindt, per aantal bezoekers (normale benadering).
Gestopt bijBezoekers per versieKans dat je de stijging ziet
Een kwart van het plan3.47928,8%
De helft van het plan6.95750,8%
Het plan13.91480,0%
Twee keer het plan27.82897,7%

Heb je te weinig verkeer, test dan een grotere verandering: bij 3% conversie vraagt +50% 2.518 bezoekers per versie, tegen 53.211 voor +10%. Of meet een eerdere stap die vaker voorkomt, zoals de klik op de offerteknop: een microconversie met een hogere conversieratio vraagt minder bezoekers. Lukt ook dat niet, zet de nieuwe versie dan live en vergelijk voor en na, in de wetenschap dat dat zwakker bewijs is.

3. Te veel dingen tegelijk testen

Dat gaat op twee manieren mis. Verander je in versie B de kop, de foto en het formulier tegelijk, dan weet je bij een winst niet welke verandering het deed. En vergelijk je meerdere versies of meerdere doelen, dan geldt de 5% kans op een valse winnaar per vergelijking. Staan de vergelijkingen los van elkaar, dan is de kans op minstens één valse winnaar bij drie vergelijkingen 14,3%, bij vijf 22,6% en bij tien 40,1%.

Hoe meer vergelijkingen, hoe groter de kans dat er één toevallig wint: bij tien vergelijkingen ongeveer twee op de vijf, bij twintig bijna twee op de drie. Voor vergelijkingen die los van elkaar staan.

Versies die je allemaal tegen dezelfde A zet, hangen iets samen; de kans ligt dan wat lager, maar het patroon blijft. Kies daarom vooraf één hoofddoel. Test je toch drie versies, deel de 5% dan door het aantal vergelijkingen met A, de Bonferroni-correctie. In het voorbeeld heeft elke versie dan 16.850 bezoekers nodig, 21% meer, voor drie versies in plaats van twee: de test duurt 8 weken in plaats van 4.

4. Seizoen en weekritme vergeten

A en B draaien in dezelfde weken, dus een drukke week raakt beide versies. Maar bezoekers in een actieweek gedragen zich anders dan in een gewone week, en wat dan wint, wint niet vanzelf in een gewone maand. Optimizely adviseert daarom minimaal één hele week, zodat elke vorm van gedrag meedoet. Drie regels:

  • Test in hele weken, van maandag tot maandag. Een test van tien dagen telt sommige weekdagen dubbel.
  • Plan een test niet over Black Friday, de uitverkoop, de feestdagen of je eigen actie heen, tenzij je juist daarvoor test.
  • Verander tijdens de test niets aan je verkeer: geen nieuwe campagne, geen ander budget. Anders test je een andere groep bezoekers dan aan het begin.

Veelgestelde vragen

Hoe lang moet een A/B-test lopen?

Een A/B-test loopt tot het aantal bezoekers dat je vooraf hebt uitgerekend, afgerond op hele weken. Bij 3% conversie, een stijging naar 3,6% en 7.000 bezoekers per week is dat 4 weken. Optimizely adviseert minimaal één hele week van zeven dagen, zodat alle soorten bezoekersgedrag meedoen. Stop niet eerder omdat B voorstaat, en laat een test ook niet eindeloos doorlopen in de hoop dat het verschil nog komt.

Kun je A/B-testen met weinig bezoekers?

Met weinig bezoekers kun je alleen grote verschillen aantonen. Bij 3% conversie heb je 2.518 bezoekers per versie nodig voor een stijging van 50%, tegen 53.211 voor 10%. Test dus een grote verandering, zoals een ander aanbod of een veel korter formulier, of meet een eerdere stap die vaker voorkomt, zoals de klik op de offerteknop. Is ook dat te weinig, zet de nieuwe versie dan live en vergelijk voor en na.

Is A/B-testen slecht voor je SEO?

Nee, niet als je Google's regels voor testen volgt. Laat Googlebot dezelfde versies zien als je bezoekers, want een andere versie tonen heet cloaking en is tegen de regels. Test je met aparte URL's, zet dan op elke variant een rel="canonical" naar het origineel en stuur door met een tijdelijke 302-redirect, geen 301. Laat de test niet langer lopen dan nodig en ruim de varianten daarna op.

Wat betekent statistisch significant bij een A/B-test?

Statistisch significant betekent dat een verschil zo groot is dat het zelden door toeval ontstaat als er in werkelijkheid geen verschil is. Bij 95% zekerheid accepteer je dat een test zonder echt verschil in 5% van de gevallen toch een winnaar aanwijst. Dat geldt alleen als je één keer kijkt, op het vooraf gekozen moment. Wie steeds kijkt en stopt zodra het significant lijkt, heeft een veel grotere kans op een valse winnaar.

Mag je tussentijds naar een A/B-test kijken?

Kijken mag, stoppen niet. Bij een gewone test met een vast aantal bezoekers geldt de 95% alleen op het geplande einde. Kijk je tussendoor om te zien of de meting werkt, prima, maar neem pas een besluit als het aantal bezoekers bereikt is. Sommige testtools gebruiken een methode die voor doorlopend kijken is gemaakt, sequentieel testen; Optimizely noemt de zijne Stats Engine. Gebruik je zo'n tool, volg dan de regels van die methode.

Wat test je als eerste?

Test eerst op de pagina met veel bezoekers die dicht bij de aanvraag of aankoop zit, zoals je belangrijkste landingspagina of je offerteformulier. Kies een verandering die groot genoeg is om te zien: een andere kop met een concrete belofte, minder velden in je formulier of een ander aanbod. Hoe kleiner het verschil dat je verwacht, hoe meer bezoekers je nodig hebt: een andere knopkleur test je pas als je veel verkeer hebt.

Bronnen

10 onderzoeken en publicaties waar de cijfers op deze pagina vandaan komen
  1. Sample size: proportions · UCSF CTSI, Kohn en Senyak, gelezen op 28 september 2026De standaardformule voor het vergelijken van twee proporties (normale benadering, tweezijdig), met Hulley e.a., Designing Clinical Research, als bron. Deze pagina rekent met die formule, zonder continuïteitscorrectie.
  2. Sample Size Calculator · Evan Miller, gelezen op 28 september 2026Rekent met de variantie van je huidige conversie in het eerste deel van de formule; voor 3% naar 3,6% komt hij op 13.051 per versie.
  3. How Not To Run an A/B Test · Evan Miller, 2010Na elke waarneming kijken en stoppen bij de eerste significante uitslag, bij 50% conversie en hooguit 150 waarnemingen: 26,1% valse winnaars in plaats van 5%.
  4. [Sunset September 2023] Google Optimize · Google Analytics Help, gelezen op 28 september 2026Optimize en Optimize 360 zijn sinds 30 september 2023 niet meer beschikbaar; Google werkt aan koppelingen met AB Tasty, Optimizely en VWO.
  5. Integrating with a third-party experiment tool · Google Analytics Help, gelezen op 28 september 2026
  6. Minimize A/B testing impact in Google Search · Google Search Central, bijgewerkt 10 december 2025Geen cloaking, rel="canonical" op varianten, 302 in plaats van 301, en de test niet langer dan nodig.
  7. How long to run an experiment · Optimizely Support, bijgewerkt 20 juni 2025Minimaal één business cycle van zeven dagen; Stats Engine verzamelt bewijs terwijl de test loopt.
  8. VWO and AB Tasty: A New Chapter for Digital Experience Optimization · Wingify, 20 januari 2026
  9. Wingify Experimentation · Wingify (vwo.com), gelezen op 28 september 2026
  10. Een A/B-test uitvoeren op een pagina · HubSpot Knowledge Base, bijgewerkt 9 april 2026

Welke test levert jouw site het meeste op?

Vraag het gratis groeiplan aan. Een specialist bekijkt je site en stuurt je binnen twee werkdagen drie concrete kansen om meer klanten uit je huidige bezoekers te halen, met een video-uitleg. Of een kans een A/B-test waard is, reken je daarna uit met de testplanner op deze pagina.